De goden schonken de mensen kracht, aangezien ze hun favoriete creatie waren. De mensheid was namelijk een soort die naar evolutie streefde, zelfs al voordat ze magie, de goddelijke gave, bezaten. De mensen hadden echter net zoals de goden zwakheden. Jaloezie en haat werden de kernwoorden van de afschuwelijke oorlog die geboorte gaf aan het goede en het kwade, de witte krijger en de zwarte schoonheid, oftewel de grootmachten. In dit verhaal vecht de nieuwe generatie grootmachten tegen het onvermijdelijke, iets dat alles gaat veranderen. Maar wat er dan gebeurt, had niemand kunnen voorzien…