In de laatste anderhalve eeuw hebben zich belangrijke veranderingen op technologisch gebied voorgedaan die een grote, revolutionaire, invloed hebben gehad op het denken van de snijdend specialist, maar ook op die van de patiënt. Voor velen lijken er onbegrensde mogelijkheden te zijn. Dezelfde technologische ontwikkelingen bepalen echter ook de grenzen die er aan het chirurgische handelen gesteld moeten worden, niet in de laatste plaats omdat het menselijk lichaam die grenzen in zichzelf heeft. In de chirurgie is de mens de maat der dingen. Ondanks alle ontwikkelingen, tot telepresentie toe, is het uiteindelijk de mens zelf die het moet ondergaan en niet zelden tekort schiet omdat zijn lichaam lang niet altijd is aangepast aan de mogelijkheden die de moderne geneeskunde biedt.In dit boek wordt het dagelijkse handelen van de chirurg en zijn technologische omgeving geanalyseerd aan de hand van opvattingen van denkers die zich met de filosofie van de techniek hebben beziggehouden.