Deze tweede volledig herziene uitgave behandelt de arbeidsrechtelijke aspecten van de conventionele overgang van onderneming in de zin van de CAO nr. 32bis en de Europese richtlijnen. In een eerste fase wordt onderzocht wat precies verstaan moet worden onder een overgang van onderneming. Hierbij wordt de nodige aandacht besteed aan de evolutie en de invloed van het Europees Hof van Justitie en de wijze waarop deze rechtspraak vertaald wordt door de Belgische rechtbanken. Vervolgens worden de eigenlijke gevolgen van een overdracht van onderneming geanalyseerd. Niet alleen de invloed van de CAO nr. 32bis en de Europese richtlijnen op de individuele relatie tussen werkgever en werknemer wordt onderzocht; ook de gevolgen voor de overlegorganen (ondernemingsraad, comité voor preventie en bescherming op het werk, vakbondsafvaardiging en Europese onderneming) en de interne dienst voor preventie en bescherming komen aan bod. Ook wordt nagegaan welke verplichtingen de overdrager en