Ik dacht aan de man die me die nacht had ontmaagd. Dat was Henri niet, zo was hij niet. Maar als ik eerlijk was, moest ik erkennen dat ik die man liever had dan de religieuze hark naast me in de kerk, dan de houterige janklaassen die als een knipmes opstond, ging zitten en zelf pas at wanneer ik de vork in mijn mond stak. De man van die nacht had me rillingen bezorgd, me opgewonden, was diep in de krochten van mijn verlangens afgedaald en had de herinnering aan vroegere fantasieën wakker gemaakt. Ik voelde weer leven in me. Uit De Metten: In 'De Dochters' vertellen Ada, Christa en Hannah, vrouwen uit drie verschillende generaties hun verhaal. Alhoewel zij, ondanks hun familieband, elkaar niet of nauwelijks hebben gekend, zijn hun levens nauw verbonden. Zo is een veelzijdig epos ontstaan van mislukte huwelijken, van seksuele verlangens, van geboorten en sterfgevallen, van idealen en verwachtingen en van waanzin en eenzaamheid. Dora, de huishoudster probeert de vrouwen bij te staan