Als achtste deel in de Jiddische Bibliotheek verschijnt een modernistisch meesterwerk in de Jiddische literatuur: De heenreis van Jacob Glatstein, over de reis die de Noord-Amerikaanse, Jiddische dichter, essayist en journalist in 1934 ondernam vanuit de Verenigde Staten naar zijn geboorteplaats Lublin, om zijn doodzieke moeder te bezoeken. Qua toonzetting en perspectief werpt De heenreis een geheel nieuw licht op de Jiddische literatuur.Wanneer Glatstein naar zijn geboorteland terugkeert is dat zijn eerste overtocht sinds hij' twintig jaar eerder als achttienjarige jongen Polen heeft verlaten. Het verhaal speelt zich af in de kleine en overvolle openbaarheid van boot en haven, trein en station, met hooguit een bed als privé-ruimte. In een montage van observaties, gesprekken met reisgenoten, herinneringen en innerlijke monologen bouwt Glatstein het drama op dat zich tijdens die reis voor zijn ogen ontvouwt. De brutaliteit van de Europese geschiedenis dringt voortdurend de tekst