Twee levensverhalen, één telefoongesprek. Dat is het uitgangspunt van deze bildungsroman De rode appel. Nick en Elisabeth wonen in Nederland en hebben beiden een achtergrond die zich deels heeft afgespeeld op Curaçao. De een heeft het gevoel, dat er vroeger iets verdrongen werd, de ander heeft zelf iets verdrongen. Nick heeft zich altijd afgevraagd, waarom hij op subtiele wijze in zijn jeugd anders behandeld werd dan zijn broers en zus. Als zijn ouders 50 jaar getrouwd zijn, achterhaalt hij de waarheid. Wanneer hij er eindelijk over kan praten met Elisabeth, doorziet zij nog tijdens het telefoongesprek wat er in haar eigen leven onopgelost is. Zij keert direct schuldbewust vanuit Nederland terug naar Zuid-Frankrijk, waar zij de dubieuze gebeurtenissen uit haar au-pairtijd ontrafelt. Wat in beide levens bepalend is, blijkt het schemergebied tussen liefde en lust te zijn tegen de achtergrond van de jaren zestig en zeventig met bij de jongeren veranderende opvattingen, een tweede