In het boek De schoolmeester en de stad wordt het leven van de schoolmeester en archivaris van Sluis, Johan Hendrik van Dale (1828-1872), verteld, zoals het zich afspeelde in het Sluis van de negentiende eeuw. Een stil, verarmd stadje was Sluis, dat zwaar beschadigd de Franse tijd was doorgekomen. De wallen en de omvangrijke gronden die eraan grensden waren eigendom van de staat. De Damse vaart hield voor Sluis op. De haven was dichtgeslibd en werd later afgedamd. Het Zwin was nauwelijks meer bevaarbaar naar Sluis. Het veer over het Zwin naar het land van Cadzand was door de uitgebreide schorren geleidelijk alleen bij hoog water bruikbaar. De economische positie van Sluis was alarmerend. In De schoolmeester en de stad komt tot uiting welke rol Van Dale speelde in het sociale leven van Sluis. Afgewisseld met de stukken over Van Dale’s leven valt in het boek de ontwikkeling van Sluis te volgen. De verlenging van het kanaal tot in de Kaai, de inpoldering van het Zwin, de weg naar