Rolf is nu zeer bewust, de bomen zijn echt, nee echter dan echt, ze zijn gedetailleerder, nee meer dan dat, ze zijn totaal, vollediger, alsof je elke molecuul in de bast ziet, elk vezeltje heeft een prachtige complexe structuur, het is alsof je de bomen rondom in n keer kan aanschouwen, de bomen zijn van een hogere dimensionale vorm, niet te begrijpen met een geest die altijd in de bekende drie - dimensionale wereld heeft vertoefd.Hij kijkt met een extreem heldere blik door het bos, de kleuren zijn onbeschrijflijk mooi verzadigd en toch ook transparant, het ruikt er naar vruchtbare bosgrond, de geur roept herinneringen op aan zijn jeugd, tussen de bomen staat en oude vrouw met bijna wit haar, ze lacht en wuift naar Rolf, hij kijkt haar doordringend aan en met een schok beseft hij dat het zijn moeder is.