Onze wereld was de midgaard, de wereld van de mensen: een rond eiland in een grote zee. Om die zee lag een slang die in zijn eigen staart beet en de midgaard moest beschermen tegen de woede van de wraakzuchtige reuzen, die door de oppergod naar de buitenste duisternis waren verbannen en om ons heen in de uitgaard leefden. Wij waren de mannen van Marisheim, boeren en vissers. Een hechte gemeenschap van buren, van vrienden, van alles samen delen en alles samen doen. We woonden op de hoge oeverwallen van de Jetting en het Vlie. We kenden elkaar al ons hele leven. We waren trouw. Aan elkaar en aan de goden, aan de overgeleverde wetten en gewoonten en aan het eenzaam gezworen woord. Akky van der Veer schreef een fascinerend verhaal over het leven in Friesland aan het begin van de jaartelling. De Romeinen zijn er aan de macht, maar in Marisheim merken ze daar weinig van. De zon gaat op en de zon gaat onder, het leven gaat verder en de dracht van een koe duurt er niet langer of korter door. M