Het boek begint met een brief waarin de lezer wordt uitgenodigd voor een regenwoudexpeditie. Hierna volgen een reisschema (tevens de inhoudsopgave) en een bagagelijst. Dan begint de reis. De twaalf dagen in het regenwoud van Brazilië staan in dagboekvorm beschreven. De lezer beleeft de aankomst in Manaus, gaat met een boot over de rivier de Amazone, onderzoekt het planten- en dierenleven op de bodem en in de bomen en blijft zelfs een nacht in het woud. Op iedere pagina is een bladzijde uit het dagboek afgedrukt op een kleurige achtergrond. Tussendoor is er een aantal mooie kleurenfoto's van het regenwoud opgenomen die twee pagina's beslaan. Feiten en wetenswaardigheden 'liggen' in gekleurde kaders verspreid naast het dagboek. Hierdoor krijgt de lezer echt het gevoel mee te reizen met het dagboek, ook doordat het lettertype op een geschreven handschrift lijkt. Voorin staat een geografische kaart van het gebied en achterin een verklarende woordenlijst en nuttige (web)adressen. Aan de