"Terwijl ik mijn ogen moeizaam open doe zie ik een lieve, wat oudere vrouw in het wit naast me staan. Ze draagt een naambordje. Hebben ze in de hemel naambordjes? Ik probeer te lezen wat er staat, maar de letters dansen voor mijn ogen. Ze zegt dat de operatie goed gelukt is en dat ik op de recovery-room lig. Dus het is al achter de rug? Mijn hand glijdt over mijn buik. En ja, daar aan de rechterkant net onder mijn navel voel ik iets wat er eerst nog niet zat. Ik word helemaal blij van binnen. Eindelijk is het vechten voorbij."Als veertienjarig meisje wordt Eliene Roelse (1981) ziek en er volgt een lange zoektocht naar wat haar mankeert. In dit boek vertelt ze over de banketbakkersopleiding, die leuke zaalarts, het concert waar ze helemaal vooraan stond, maar ook over haar onzekerheden, te weinig lepels, vervelende onderzoeken door artsen in witte jassen en uiteindelijk een spannende operatie. Uit het verhaal straalt de kracht en de hoop om beter te worden. Ze blijft positief en vecht