Kapuscinski heeft een specialisme: waar een politieke tijdbom tikt, daarheen reist hij af. Dus ook naar Rusland toen zich daar in 1989 een periode van grote omwentelingen aankondigde. Hij doorkruiste het imperium in de jaren van zijn ontbinding tot in zijn verste uithoeken, van Brest tot de Stille Oceaan, en van Vorkoeta of Nova Zembla tot de politiek instabiele Centraal-Aziatische republieken in het zuiden. Op onnavolgbare wijze schetst hij de chaotische situaties die zijn ontstaan als gevolg van de afbrokkeling van de centrale macht. Uit zijn persoonlijke verslagen rijst een indringend beeld op van een werelddeel in een overgangstijd, gekenmerkt door desintegratie en culturele diversiteit, politieke onrust en pseudo-kapitalisme. Kapuscinski zoekt de werkelijkheid achter de mediabeelden. Hij dompelt zich onder in het leven van de autochtone bevolking in de dorpjes en steden van Siberië tot Armenië en Oezbekistan. Zijn blik is die van de betrokken toeschouwer, de solidaire