In dit boek worden de begrippen overdracht en tegenoverdracht, oorspronkelijk ontwikkeld door Freud, vertaald naar de alledaagse beroepspraktijk van begeleiders van cliënten.Onder overdracht wordt verstaan het onbewust overdragen van oude gevoelens van de cliënt op de hulpverlener of begeleider. Tegenoverdracht is het onbewust overdragen van oude gevoelens van de hulpverlener of begeleider op de cliënt. Bij overdracht en tegenoverdracht wordt onbewust een gevoel van verwachting van hoe de ander naar jou kijkt geprojecteerd. Jij vult in hoe de ander naar jou kijkt en hoe de ander zicht voelt tegenover jou. De kans bestaat dat je daarmee naast de werkelijkheid zit. Hier ligt dus een potentiële bron van miscommunicatie: dat zou een negatieve invloed kunnen hebben op het begeleidingsproces en op de kwaliteit van de communicatie. Het heeft echter een fundamentele invloed op het begeleidingsproces en op de kwaliteit van de communicatie. In dit boek worden eerst de begrippen uitgewerkt