De Bataafs-Franse tijd (1795–1813) was van blijvende invloed op de rechterlijke organisatie en de rechtspleging in ons land. Na de inlijving van Nederland bij Frankrijk werd in 1811 een nieuwe rechterlijke organisatie ingevoerd, waardoor er voor het eerst in Nederland eenheid in de rechtspraak kwam. In deze uitgave wordt een beeld geschetst van het functioneren van het juridisch bedrijf rond het arrondissement Zwolle-Lelystad in deze nieuwe situatie. De auteur beschrijft hoe recht en maatschappij er in de afgelopen twee eeuwen op elkaar inwerkten. In vier periodes van 50 jaar volgt hij de chronologie in de geschiedenis van rechtspraak, advocatuur en notariaat. Daar doorheen lopen de verhalen over bijvoorbeeld een casus, kwestie, akte, persoon, gebouw of beroepsgroep. Daarbij komen niet alleen beroemde zaken aan bod, maar ook eenvoudige veroordelingen, alledaagse strafzaken en gevallen van bedelarij of faillissementen die hun sporen in de maatschappij achterlieten. Elke periode