De assistent-resident van Pontaniak op Borneo stuurt zijn twee zoons naar Nederland om naar de HBS te gaan. Zo komen Tom en Thijs Reedijk bij hun tantes Fokeliene en Koosje in huis. De komst van de twee Katjangs, zoals ze onmiddellijk door iedereen worden genoemd, maakt een einde aan de rust die in het huis van de tantes heerste. Ze halen heel wat uit en maken bijvoorbeeld samen met de andere leden van een geheim verbond de stad onveilig. Daarbij gebeuren heel wat merkwaardige dingen.