H.C. ten Berge verrast met een poëtisch prozaboek dat een mozaïek van versluierde herinneringen en verbeeldingen bevat.Ontluisd verleden zou men een doorgecomponeerde novellenbundel kunnen noemen. De conversatie tussen een oude dame en haar bezoeker vormt de aanleiding tot de reconstructie van een handvol levens die in de eerste helft van de twintigste eeuw in de kiem werden gesmoord of juist tot wasdom kwamen. De vermenging van feiten en fictie is daarbij zo onontwarbaar, dat men kan spreken van een werkelijkheid die slechts binnen de begrenzing van het boek bestaat. Het decor moge soms onbepaald zijn, veel personages hebben in de werkelijkheid geleefd als dichter, schrijver of als meer of minder kleurrijke verschijning. Maar de namen zijn veelal veranderd, en hun plaats in het geheel is in tal van opzichten door de auteur gemanipuleerd (al geldt dat laatste niet voor de gestalte van de schrijvende avonturier die Edouard de Nève heette). Uiteindelijk gaat het om de lege stoelen