De geschiedenis van de filosofie kent een behoorlijk aantal oneliners zoals: 'God is dood' of 'Ik denk, dus ik ben'. Het zijn zinnen die sporen hebben nagelaten, zinnen die 'snijden'. Aan een aantal Nederlandse en Vlaamse filosofen werd gevraagd zo'n zin te lichten uit het oeuvre van een hen goed bekende filosoof. Zij schetsen de context van dat ene zinnetje en de betekenis ervan voor de evolutie van de filosofiegeschiedenis. Bovenal gaan ze echter ook zelf creatief om met die zinsnede. Wat betekenen die woorden voor hen en voor hun werk? Kan die zinsnede op een of andere manier geactualiseerd worden? Nog met andere woorden: welke rijkdom aan gedachten zit verscholen achter die ene slagzin, wat kan die zinsnede nu nog betekenen voor de al dan niet filosofisch geschoolde lezer? Zinsneden is een toegankelijk en eigenzinnig boek waarin diepgang wordt gecombineerd met een persoonlijke toets.